Compassion Rising Tour 2025: Estland

Grens Letland – Estland

10 september: Kabli - Paikuse (49km)

Vandaag een zalige start van de fietsrit: 17 km over een rustige asfaltweg door de bossen, met af en toe door de bomen zicht op de Baltische zee.
Daarna opnieuw 18 km over de Baltic Way, maar gelukkig was het er niet erg druk.
 
Ook mijn gezondheid is weer aan de beterhand. Ik heb vannacht niet moeten hoesten en voelde me vanmorgen veel beter uitgerust. Ik ben erg dankbaar dat mijn lijf zich zo snel herpakt heeft.
 
Na die 18 km Baltic Way volgde een heerlijk fietspad richting Pärnu en daarna was ik nog maar 4 km van mijn eindbestemming in Paikuse verwijderd.
 
Vandaag maar 50 km gefietst. Morgen en overmorgen zouden het telkens meer dan 70 moeten zijn, maar de Baltic Way laat ik nu definitief en letterlijk links liggen.
 
Mijn laatste twee fietsdagen naar mijn eindpunt Tallinn zullen veel aangenamer zijn. Jihaaa! 

Prachtig fietspad richting Pärnu

11 september: Paikuse - Kaerepere (88 km)

Een lange rit vandaag, langer dan gepland. Tot Tallinn moet ik nog 150 km fietsen. Dat wil zeggen 2 × 75 km, heel goed te doen. Maar, morgen wordt de hele dag regen voorspeld.
 
Na 65 km arriveerde ik op mijn geplande slaapplek, maar omdat het nog maar 3 uur was en ik me nog fit voelde, besliste ik er nog 20 km bij te doen om morgen een uur minder lang in de regen te moeten fietsen.
 
Mijn verwachting/hoop van gisteren is uitgekomen! Eindelijk nog eens een volledige rit aangenaam rustig rijden over landelijke en bosrijke wegen. Bovendien ging het vandaag op Radio Klara (klassieke radiozender van VRT) de hele dag over mijn favoriete Estse componist Arvo Pärt, omdat hij vandaag 90 werd. Normaal gezien rij ik nooit met muziek, maar nu ik net in Pärts moederland aan het fietsen ben, heb ik de hele dag naar Klara geluisterd en intens genoten van de muziek en alle bijkomende informatie daarrond. Nu ben ik bijvoorbeeld helemaal op de hoogte van wat de Tintinnabuli techniek is in Pärts muziek. En, dankzij een tip van Kristien Bonneure vernam ik dat er 35km buiten Tallinn een Arvo Pärt museum is. Dat wil ik zeker bezoeken.

Een van de vele mooie momenten tijdens de voorlaatste etappe

Vandaag zat ik veel uren op de fiets, en toch zijn die voorbij gevlogen.
Morgen wordt het vermoedelijk enkele uurtjes regenfietsen (60km), en dan ben ik op mijn eindbestemming Tallinn! Na net geen 3000 kilometer.

12 september: Kaerepere - Tallinn (63km)

Een memorabele laatste fietsdag: zeiknat, in extremis nog een een totter (Antwerps dialect voor valpartij), en slapen in een high-tech “mortuarium”.
 
Onderweg heb ik vandaag geen enkele foto genomen! Zoals voorspeld de hele tijd matige regen, met het laatste uur, als kers op de neerslagtaart, nog wat blaasjesregen er bovenop. Mijn mobiele telefoon zat veilig weggeborgen in een waterdichte pouch waaruit ik hem met natte handen en tijdens het gedruppel niet wilde verwijderen, omdat hij daar helemaal onhandelbaar van zou worden.
 
Het traject tot aan de voorstad van Tallinn was eigenlijk nog rustiger en mooier dan gisteren, maar door de regen was genieten er niet bij. Er zat ook weer een stuk gravel bij door een bos, waar ik drie elanden, een wolvenpaar, een kikker en een beer zag. 🤣🤣 🤣
Wie van de vier zag ik écht?
 
Na een tweetal uur begon mijn maag te knorren, maar omdat het zo’n landelijke weg was, vond ik nergens beschutting om even iets te kunnen eten. Pas na ongeveer 30 km was er eindelijk toch een bushokje dat me bescherming bood. Lang mocht die pauze niet duren, want ik koelde snel af. Het was vandaag 13°C, 10 graden minder dan gisteren. Nu zal de herfst hier wel definitief zijn intrede gedaan hebben. Blij dat het fietsen vanaf vandaag achter de rug is.
En ongelooflijk maar waar: op 4 km van mijn eindbestemming maakte ik nog een val in slow motion, mijn eerste totter (valpartij) van deze reis!
 
In Tallinn eindigde het geweldige fietspad dat ik de laatste 20 km gevolgd had en moesten fietsers, zoals zo dikwijls in de steden hier, het trottoir delen met voetgangers. Gevolg: bij elke zijstraat of inrit naar een huis moest ik telkens stoepje af en stoepje op fietsen. Aanhoudend padang omlaag en padang weer omhoog. Voor één zo’n stoepje omhoog stond een grote plas waardoor ik niet kon zien hoe hoog het was. En net dat stoepje bleek veel hoger dan alle andere! Mijn stuur maakte een halve slag naar rechts en daardoor kwam ik tot stilstand tegen een tuinhek.
 
Gelukkig reed ik heel traag en kwam ik op mijn voeten terecht, maar de fiets hing helemaal uit evenwicht naar links en ik kon dat gevaarte niet tegenhouden. We belandden dus samen in slow motion op het trottoir. Geen erg. Eén voortas was aan een kant losgekomen en mijn rechterpols deed een beetje pijn omdat die het meeste gewicht getorst had, maar die pijn was na vijf minuten alweer verdwenen. Gelukkig waren er ondanks de klap tegen het stoepje geen spaken van het wiel gebroken.
 
Even later kwam ik doornat aan in de hostel die ik gereserveerd had, en daar nam ik wel enkele foto’s want het was geen ‘gewone’ hostel.

Toen ik reserveerde wist ik nog niet of mijn nachthoest weg zou zijn. Om niemand te storen of te besmetten wilde ik liever niet op een slaapzaal met zes liggen. Op Booking.com zag ik een hostel met individuele capsules en reserveerde daar zo’n slaapdoos. De allereerste keer van mijn leven in zo’n ding! Ik had wel al eens gezien dat dit in Japan schering en inslag was.

Natuurlijk was er geen receptionist, dat is te persoonlijk. Inchecken gebeurde aan een machine in de tussenhal. Daar stond ik gelukkig al wel droog. Er kwam een papiertje met een persoonlijke code uit de machine en daarmee kon ik overal binnen: in de lobby en ook in mijn slaapdoos en persoonlijke locker.
 
Toen ik bij mijn ‘kamer’ met 10 slaapdozen (m.a.w. ‘capsules’) kwam, dacht ik dat ik een mortuarium binnentrad! Hoe grellig (Antwerps voor griezelig) was dat!  Aan dit zicht moest ik even wennen.
Mijn doos ging open met de code, maar me erin omkleden — zoals het zedig hoort — ging natuurlijk niet met die kletsnatte bullen (Antwerps voor spullen) rond mijn lijf, of mijn matras zou helemaal nat worden.
 
Good old style heb ik me in de kamer omgekleed.
Schoenen en lege reiskoffer moesten in de locker, waar een paar slippers stond. Al mijn fietstassen pasten daar natuurlijk niet in, maar ik kon ze wegmoffelen tussen de buitenste slaapdozen en de verwarming.
 
Binnen in de doos was het best futuristisch. Net een dashboard in een ruimtecapsule. Claustrofobisch ben je beter niet. Headphones hingen klaar, USB poorten, je kon de luchttoevoer zelf regelen, het nachtlampje, slaapmodus… Voor de veiligheid ging ik die nacht in het donker toch mijn koplampje naast me leggen. Aan het plafond hing ook apparatuur. Dat bleek een TV te zijn, maar meer dan een ‘no signal’ beeld krijg ik daar met de remote control nog niet op te zien. Ze hadden bij dit high-tech gedoe wel een handleiding mogen voorzien voor ‘oude taarten’ zoals ik, haha. 😉

De slaapcapsule

Soit, alles was kraakproper, op het steriele af, en je had wel wat meer privacy dan in een slaapzaal. Niet geklaagd, alles went. En de ‘slaapdoos’ was zelfs iets groter en hoger dan mijn tent. Plaats zat.
Die laatste rit was dus niet de prettigste, om het zacht uit te drukken.
 
Ik kwam uit op 2.927 km en 12.990 hoogtemeters, hoewel je die laatste bij Komoot met een dikke korrel zout moeten nemen. Soms behaal ik op een vlak loopparcours in Antwerpen +200 hoogtemeters. Absurd.
 
Nu enkele dagen Tallinn bezoeken en de terugtocht beginnen plannen. Daarover meer in een volgende post. De deze is al lang genoeg.
Lama Tashi Norbu wenst me een voorspoedige reis met een puja (in 2022)
Deel deze post op social media

Lees meer...

nl_NL_formal